De stem van vrouwen laten horen: ons goed recht.

Waarom #nietmijnrecht juist wél van ons is.

Internationale Vrouwendag is een dag van vieren én van confronteren. We vieren de rechten die vrouwen vóór ons hebben bevochten: het kiesrecht, toegang tot onderwijs, het recht om te werken en om economisch zelfstandig te zijn. Maar 8 maart is geen moment om achterover te leunen. Het is ook de dag waarop we de feiten onder ogen moeten zien: van gelijke rechten is op vele fronten nog steeds geen sprake. 

Afgelopen week kwam ik met vertegenwoordigers van zes vrouwenverenigingen bij elkaar. Verenigingen die zich al decennialang inzetten voor een sterkere positie van meisjes en vrouwen. Daar zit ons bestaansrecht. Tegelijkertijd is de realiteit weerbarstig: onze organisaties krimpen en vergrijzen. Dat zien we niet alleen bij vrouwenorganisaties, maar in het hele verenigingsleven. Opvallend genoeg is er één uitzondering: politieke verenigingen. Vele daarvan groeien als kool. Dat is bijzonder, zeker in een tijd waarin het vertrouwen in de politiek lijkt te dalen. 
 
Ik vind vooral de tegenstelling interessant. Want in mijn ogen is de vrouwenzaak politiek. Vrouwenrechten worden niet vanzelf beschermd. Ze worden bevochten, vastgelegd en bewaakt in politieke arena’s. Toch wordt die noodzaak nog steeds in twijfel getrokken. Vaak door mannen, die lacherig vragen of dit allemaal wel nodig is. Of die zeggen: ‘We zijn toch al gelijk?’. Juist daarom zijn vrouwen nodig om deze onderwerpen te blijven agenderen. Want wie de ongelijkheid niet zelf ervaart, ziet het probleem vaak niet. 
 
En die ongelijkheid is helaas nog steeds actueel en problematisch. Verschillende rapportages maken duidelijk dat Nederland echt nog werk te doen heeft. Denk aan de aanpak van huiselijk geweld en femicide. Denk aan de loonkloof, die doorwerkt in een structurele pensioenkloof waar vooral 50+ vrouwen de gevolgen van dragen. Denk aan de gezondheidszorg, waar klachten van vrouwen te vaak niet serieus worden genomen of te laat worden herkend. En aan mantelzorg, die nog steeds grotendeels op de schouders van vrouwen rust, met grote gevolgen voor hun werk, inkomen en gezondheid. 
 
Het thema van Internationale Vrouwendag dit jaar is #nietmijnrecht. Het verwijst naar rechten die onder druk staan of worden teruggedraaid. Ik draai het perspectief graag om naar #welmijnrecht. Want vrouwenrechten zijn wél van ons. Ze zijn bevochten, vastgelegd en doorgegeven. Ze bestaan echter alleen zolang wij ze blijven opeisen, beschermen en gebruiken. 
 
In het afgelopen jaar lieten wij vrouwen goed van ons horen. En met resultaat! In het landelijke coalitieakkoord is nu expliciet ruimte gemaakt voor vrouwenrechten. Niet eerder was er zo’n duidelijke aanpak voor de veiligheid en gezondheid van vrouwen. We zien deze aandacht ook op lokaal niveau: gemeenten besteden meer dan ooit aandacht aan de aanpak van geweld tegen vrouwen. Zelfs op provinciaal niveau komt de positie van vrouwen nadrukkelijker in beeld. Ik ben er trots op dat mede door de inzet vanuit Vrouwen van Nu, de provincie Zuid-Holland kijkt hoe haar beleid vrouwen raakt. Bijvoorbeeld in het omgevingsbeleid: hoe veilig voelen vrouwen zich in het OV en de openbare ruimte? Want beleid is niet neutraal. Het raakt vrouwen en mannen verschillend.  
 
Het is belangrijk dat de stem van vrouwen wordt meegenomen in politieke keuzes. Daarvoor zijn er meer vrouwen nodig in de politiek. Vrouwen die deze thema’s blijven benoemen, ook als het ongemakkelijk wordt. Ook als er gegniffeld wordt. Ook als de vraag klinkt waarom dit ‘speciaal’ voor vrouwen moet. Zonder vrouwen aan tafel verdwijnen onderwerpen als veiligheid, gezondheid en economische zelfstandigheid te snel van de agenda.  

Er is echter nog een ongemakkelijke waarheid: vrouwen blijven achter als het gaat om stemmen en politieke participatie. Dat is wrang, juist omdat vrouwen zo hard hebben moeten strijden voor het kiesrecht. Wat ooit zo zwaar werd bevochten, laten we nu te gemakkelijk liggen. Misschien moeten we het kiesrecht daarom niet alleen zien als een recht, maar ook als een plicht. Weet je dat er begin vorige eeuw nog sprake was van stemplicht, later afgezwakt naar opkomstplicht. Ik begrijp waarom dit is afgeschaft. Onze keuzevrijheid is een groot goed. Maar stiekem vraag ik me soms af hoe Nederland er uit zou zien als dat niet was gebeurd. 
 
De plicht, het moeten, is ervan af. Maar daar we alles mogen, laten we als vrouwen dan ook echt meer meedoen, meepraten en meebeslissen. Onze stem telt – maar alleen als we die ook laten horen. Samen en tegelijkertijd. In welke vorm dan ook. In verenigingen, netwerken, actiegroepen, platforms of informele verbanden. Want samen staan we sterker. Door ons te organiseren, kunnen we onze stem krachtiger en luider laten horen in de samenleving én richting de politiek. Een collectieve stem dwingt aandacht af, zet beweging in gang en brengt verandering. Zodat gelijkheid en gelijkwaardigheid geen voetnoot meer zijn, maar een uitgangspunt. Dat is geen luxe. Dat is noodzaak. Dat is ons recht. 

Een gezellige en betekenisvolle Vrouwendag toegewenst. 

Erica van Engel, directeur van Vrouwen van Nu